Tuinonderhoud

Tuin bemesten: wanneer, waarmee en hoeveel?

Korrelmest wordt met een strooiwagen over groen gras verdeeld

Je tuin bemesten doe je het best in het voorjaar, wanneer planten beginnen te groeien. Voor de meeste borders, hagen en heesters is een laag compost of een organische mest genoeg: die voeden niet alleen de plant, maar ook het bodemleven, en geven hun voedingsstoffen langzaam af. Een moestuin, potten en een gazon dat veel wordt gemaaid hebben meer nodig. Bemest nooit meer dan op de verpakking staat: te veel mest spoelt uit naar het grondwater en maakt planten slap en vatbaar voor ziekten.

Wat hebben planten nodig?

Op elke zak mest staan drie cijfers, bijvoorbeeld 7-3-6. Dat is de verhouding tussen de drie belangrijkste voedingsstoffen:

Stof Waarvoor Tekort herken je aan
Stikstof (N) Groei van blad en stengels Lichtgroene of gele bladeren, weinig groei
Fosfor (P) Wortels, bloei en zaad Matige bloei, soms paarsig blad
Kalium (K) Stevigheid, vruchten, winterhardheid Bruine bladranden, slappe planten

Daarnaast zijn kalk (voor de zuurgraad), magnesium en sporenelementen belangrijk. De meeste Nederlandse tuingronden bevatten al genoeg fosfor. Vooral stikstof raakt op, omdat planten het gebruiken en het uitspoelt.

Organische mest of kunstmest?

Soort Voordelen Nadelen
Compost Verbetert de bodemstructuur, voedt het bodemleven, gratis als je zelf composteert Weinig voedingsstoffen per kilo
Gedroogde koemest of organische korrels Werkt langzaam en langdurig, verbetert de bodem Werkt minder snel bij een acuut tekort
Kunstmest Werkt snel, precies te doseren Voedt het bodemleven niet, spoelt makkelijk uit, kans op verbranding
Groenbemesters Planten zoals klaver of phacelia die je onderspit; ze verbeteren structuur en sommige binden stikstof Vragen planning en een vrij stuk grond

Voor een gezonde tuin op lange termijn kies je vooral voor organisch materiaal. Een gezonde bodem met veel bodemleven maakt voedingsstoffen zelf beschikbaar, waardoor je minder hoeft bij te mesten.

Wanneer bemest je?

  • Voorjaar (maart tot mei): de belangrijkste bemesting voor borders, hagen, heesters, rozen en het gazon.
  • Zomer: alleen planten die veel vragen, zoals potplanten, eenjarigen en groenten als tomaten en courgettes. Zie tomaten kweken.
  • Na half augustus niet meer met stikstof: dan groeien planten zacht de winter in en bevriezen ze sneller.
  • Herfst: een laag compost op de border mag, en eventueel kalk als de bodem te zuur is.

Zo bemest je de verschillende delen van je tuin

Borders en heesters: in het voorjaar een laag compost van een paar centimeter, of organische korrels volgens de verpakking. Werk het oppervlakkig in of laat het liggen; wormen nemen het mee naar beneden.

Hagen: in het voorjaar organische mest langs de voet, na het snoeien eventueel nog een keer. Zie heg snoeien.

Moestuin: elk jaar compost, en met wisselteelt zorg je dat sterke eters zoals kool en pompoen op de bemeste grond staan.

Potten en bakken: potgrond is na een paar maanden uitgeput. Geef in het groeiseizoen regelmatig vloeibare mest met het gietwater.

Gazon: daar is een apart schema voor: lees gazon bemesten.

Weet wat je bodem nodig heeft

Twijfel je, laat dan eens een grondmonster onderzoeken. Dat kost weinig en vertelt je de zuurgraad en het gehalte aan voedingsstoffen. Vaak blijkt dat er al genoeg in de grond zit en dat vooral compost en een goede bodemstructuur nodig zijn. Is je grond te zuur, bijvoorbeeld bij veel mos, dan kan kalk helpen: zie mos in het gazon.

Vuistregel

Houd je aan de dosering op de verpakking en strooi liever iets te weinig dan te veel. Strooi niet op droge grond in de volle zon en geef na het strooien water, zodat korrels niet verbranden op het blad.