Je tuin vergroenen betekent simpelweg: tegels eruit en planten erin. Dat levert direct iets op. Een groene tuin blijft in de zomer koeler, regenwater zakt de bodem in in plaats van over de tegels naar het riool te stromen, en bijen, vlinders, vogels en egels vinden er voedsel en schuilplekken. Je hoeft niet alles in één keer te doen: elke tegel die eruit gaat, telt.
Hieronder lees je waarom vergroenen zin heeft, hoe je het praktisch aanpakt en welke planten het goed doen op plekken waar jarenlang tegels hebben gelegen.
Waarom je tuin vergroenen?
Minder hitte
Stenen en tegels warmen in de zon flink op en geven die warmte ’s avonds weer af. Planten verdampen water en geven schaduw, waardoor het in en rond een groene tuin merkbaar koeler aanvoelt. Op een warme zomeravond is dat het verschil tussen buiten zitten of binnen blijven.
Minder wateroverlast
Hevige buien komen in Nederland steeds vaker voor. Op een betegelde tuin kan het water nergens heen: het loopt naar het riool, dat de piek soms niet aankan, of blijft op het terras staan. Grond met planten werkt als een spons. Water zakt weg en vult het grondwater aan, wat ook in droge periodes helpt.
Meer leven
Een tuin met verschillende planten trekt insecten aan, en die zijn weer voedsel voor vogels en egels. Ook een kleine tuin kan zo een belangrijke tussenstop zijn in de wijk. Tuinen die aan elkaar grenzen, vormen samen een groen netwerk.
Meer plezier
En niet onbelangrijk: een groene tuin is gewoon fijner om in te zitten. Met de seizoenen verandert er steeds iets, en je hoort en ziet meer vogels.
Operatie Steenbreek en je gemeente
Je staat er niet alleen voor. Operatie Steenbreek is een landelijk initiatief dat inwoners en gemeenten helpt om tuinen te vergroenen. Veel gemeenten doen mee met acties, zoals het gratis ophalen van tegels of een ‘tegelwippen’-actie. Daarnaast hebben sommige gemeenten regelingen voor afkoppelen van regenpijpen, een groen dak of een regenton. Kijk op de website van je gemeente wat er bij jou mogelijk is; regels en subsidies verschillen per plaats.
Zo pak je het aan: stappenplan
- Bepaal wat je echt nodig hebt aan verharding. Een zitplek, een pad naar de voordeur of berging en misschien een plek voor de kliko’s. De rest kan in principe groen worden.
- Begin klein. Haal bijvoorbeeld eerst een strook langs de schutting of een rij tegels rond een boom weg. Bevalt het, dan breid je het uit.
- Wip de tegels eruit. Met een tegelwipper of breekijzer en een schop gaat het het makkelijkst. Bied tegels die nog goed zijn aan via je gemeente of buurtapp, of hergebruik ze als stapstenen.
- Haal het zand eronder weg. Onder tegels ligt meestal een laag ophoogzand of straatzand. Daarin groeien planten slecht. Graaf dat zand zo goed mogelijk weg, zeker een paar spaden diep.
- Verbeter de grond. Vul aan met tuinaarde en werk er compost doorheen. Op kleigrond helpt compost om de structuur losser te maken; op zandgrond houdt het water en voeding beter vast. Zelf compost maken? Lees ons artikel over composteren in de tuin.
- Kies en plant. Plant bij voorkeur in het voorjaar of het najaar, wanneer de grond vochtig is. Zet planten iets dichter op elkaar dan je denkt; zo is de grond snel bedekt en heeft onkruid weinig kans.
- Geef het eerste jaar goed water. Nieuwe planten moeten nog wortels maken. Geef in droge periodes af en toe flink water, liever diep dan vaak een beetje.
Tip: Kun je niet alle tegels missen? Leg dan om de zoveel tegels een gat en vul het met een bodembedekker, of vervang een deel door grind met planten erin. Halfverharding laat water beter door dan aaneengesloten tegels.
Welke planten kies je?
Kies planten die passen bij je grond en de hoeveelheid zon. Een mix van boom of grote struik, heesters, vaste planten en bodembedekkers werkt het best: die vult de ruimte, geeft het hele jaar structuur en biedt dieren voedsel en beschutting.
| Functie | Voorbeelden |
|---|---|
| Kleine boom | Krentenboom (Amelanchier), meidoorn (Crataegus), sierappel (Malus) |
| Heesters | Gelderse roos (Viburnum opulus), vlinderstruik (Buddleja), hulst (Ilex aquifolium) |
| Vaste planten zon | Kattenkruid (Nepeta), zonnehoed (Echinacea), hemelsleutel (Sedum) |
| Vaste planten schaduw | Ooievaarsbek (Geranium), vrouwenmantel (Alchemilla), varens |
| Bodembedekkers | Kleine maagdenpalm (Vinca minor), elfenbloem (Epimedium), kruipend zenegroen (Ajuga reptans) |
| Klimplanten | Wilde kamperfoelie (Lonicera periclymenum), klimop (Hedera helix), clematis |
Heb je weinig ruimte? Ook gevels en schuttingen kun je vergroenen met klimplanten, en een plat dak van een schuur of berging kun je soms ombouwen tot sedumdak (laat eerst controleren of de constructie dat gewicht aankan). Inspiratie voor een kleine plek vind je in ons artikel over een kleine tuin inrichten. Wil je specifiek insecten helpen, kijk dan bij de planten voor een bijvriendelijke tuin.
Is een groene tuin meer werk?
Dat valt mee, en soms is het zelfs minder werk dan tegels. Onkruid tussen de voegen wieden en tegels schoonmaken kost ook tijd. Een goed beplante tuin heeft vooral de eerste één à twee jaar aandacht nodig: water geven, af en toe wieden tot de planten de grond bedekken. Daarna is het vooral een keer per jaar opruimen en wat snoeien.
- Bedek de grond. Kale grond trekt onkruid aan. Bodembedekkers of een laag mulch (houtsnippers, blad of compost) houden onkruid tegen en houden vocht vast.
- Kies sterke planten. Planten die bij je grond en plek passen, hebben weinig verzorging nodig.
- Laat het wat wilder. Laat blad onder struiken liggen en knip uitgebloeide vaste planten pas in het voorjaar terug. Dat scheelt werk en is goed voor insecten.
Water opvangen en gebruiken
Vergroenen en regenwater opvangen gaan goed samen. Een regenton aan de regenpijp vangt water op voor droge periodes, en een regenpijp die uitkomt in een border of een grindkoffer laat het water ter plekke wegzaken. Let erop dat water van je dak niet naar de buren of tegen je gevel stroomt. Hoe je een regenton plaatst en gebruikt, lees je in ons artikel over de regenton. Voor afkoppelen van de regenpijp van het riool gelden per gemeente regels, dus check dat vooraf.
Veelgestelde vragen
Wat doe ik met de tegels die eruit komen?
Veel gemeenten halen tegels gratis op of hebben een inzamelpunt, vaak in samenwerking met acties van Operatie Steenbreek. Goede tegels kun je ook weggeven via een buurtapp of marktplaats, of hergebruiken als stapstenen in de border.
Kan ik direct planten in de grond onder de tegels?
Meestal niet goed. Onder tegels ligt vaak een laag schraal ophoogzand dat stevig is aangedrukt. Graaf dat zand zoveel mogelijk weg en vul aan met tuinaarde en compost. Dan slaan planten veel beter aan.
Wat is het beste moment om te vergroenen?
Het voorjaar en vooral het najaar zijn ideaal om te planten: de grond is dan vochtig en planten kunnen rustig wortels maken. Tegels weghalen en de grond voorbereiden kan het hele jaar, zolang de grond niet bevroren of drijfnat is.
Is grind een goed alternatief voor tegels?
Grind laat water beter door dan tegels, maar een kale grindvlakte met worteldoek eronder biedt weinig leven en wordt in de zomer ook warm. Grind met planten erin, zoals een grindtuin met siergrassen en vaste planten, is een betere keuze.
Ook je dak kan groen: lees alles over een sedumdak.


